Hierbij ga je leren hoe je van de gegeven bijvoeglijk naamwoorden de vergrotende trap gaat gebruiken. In het Nederlands en in het Duits wordt deze gevormd met het achtervoegsel -er. Dus bijvoorbeeld snel - sneller (vergrotende trap) - snelst (overtreffende trap). De Duitse taal kent hier een aantal uitzonderingen op, denk aan gut - besser of viel - mehr. Maak de zinnen compleet door op de lege spaties de juiste vervoeging in te vullen.