Teksten Oefeningen Woordenschat Vervoeging
Home / Grammatica oefeningen / Bijwoorden

Bijwoorden

Bijwoorden van tijd, plaats, reden en wijze.

Bijwoorden van plaats of richting

Bijwoorden van plaats beschrijven waar een handeling plaatsvindt of de richting van een beweging, zoals 'hier' (hier), 'dort' (daar) of 'boven' (boven).

Gratis Niet gestart

Bijwoorden van tijd

Bijwoorden van tijd geven aan wanneer een handeling plaatsvindt, hoe lang deze duurt of hoe vaak deze gebeurt, zoals 'heute' (vandaag), 'bald' (binnenkort) of 'immer' (altijd).

Gratis Niet gestart

Bijwoorden van graad

Bijwoorden van graad of wijze beschrijven hoe een handeling wordt uitgevoerd of de intensiteit van een eigenschap, zoals 'schnell' (snel), 'gerne' (graag) of 'sehr' (zeer).

Gratis Niet gestart

Andere oefencategorieën

De Duitse taal kent vele bijwoorden. Ze worden gebruikt om de specifieke plaats in de tijd of ruimte helder te maken; om inzicht te geven in oorzaken en gevolgen; en om te kwaliteit of intensiteit van een gebeurtenis of actie te kunnen duiden.

In de oefeningen die u hier vindt, wordt vooral aandacht besteedt aan de bijwoorden die tijd of ruimte concreter maken. In veel gevallen bestaat de oefening uit het invoegen van het juiste bijwoord.

Daarbij kan een keuze gemaakt worden uit 4 alternatieven. Voorbeelden van bijwoorden die tijd aanduiden zijn “gerade” (zojuist) en “später” (later). Deze bijwoorden worden, evenals alle andere bijwoorden, altijd in de enkelvoudsvorm gebruikt, dus niet vervoegd, en met een kleine letter geschreven.